Barcelona

11 04 2010 - 12:52


Barcelona Net terug uit Barcelona. Ik wist nog niet zo lang dat ik daar naartoe werd gestuurd, en ik wist eigenlijk ook niets van de stad - vaag zeiden "Sagrada Familia" en "Ramblas" me wel iets. Toch had ik besloten om er een beetje langer te blijven dan strikt noodzakelijk voor de conferentie, kwestie van even uit te blazen. Wel even van hotel veranderd, want voor eigen rekening zag ik een verlengd verblijf in een vijfsterrenkamer toch niet zo zitten - dat de Spaanse belastingbetaler me dat wel had gegund, is gezien de economische situatie van het land trouwens ook niet zo evident.

Ik heb me het dagje extra zeker niet beklaagd. Het weer zat mee. En Barcelona heeft veel meer te bieden dan ik me had kunnen voorstellen. Een heel gezellige en relaxte stad aan het water, prachtige architectuur en vriendelijke Catalanen. Meer moet dat niet zijn. En de Sagrada Familia stond dan wel in de steigers, Gaudi heeft nog meer indrukwekkende bouwsels neergezet.

De Catalaanse hoofdstad ziet me zeker nog terug. Overigens keek ik als Vlaming die vaak in Brussel zit af en toe wel op van het taalregime : eentalig Catalaans komt voor, eentalig Spaans, tweetalig Spaans-Catalaans of zelfs tweetalig Catalaans-Engels. Er pour les Espagnols la même chose ? Why not ?

Asturia

21 03 2010 - 18:11


Oviedo Het was ongewoon lang geleden, maar de voorbije dagen heb ik nog eens buiten de grenzen gewerkt. De informele EMCO-vergadering ging door in het Spaanse Oviedo, en dus heb ik daar mee nagedacht over de “Europe 2020”-strategie. Meteen ben ik zo ook de lente ingestapt : 20°C om 22u ’s avonds kan ik wel waarderen. Oviedo bleek ook een charmante stad, met een rijke geschiedenis, in een mooie streek. Waar we door de Spaanse collega’s bovendien uitstekend zijn ontvangen – zodat ze de lat hoog hebben gelegd voor het volgende voorzitterschap, en laat dat nu toevallig het onze zijn…

Spanje is overigens één van de goede voorbeelden van de impact die Europa kan hebben. In de evolutie van een economische onderontwikkelde dictatuur naar een democratie met een behoorlijke levensstandaard heeft de Europese Unie een belangrijke rol gespeeld Spanje heeft in dat proces blijkbaar de middelen uit de Europese structuurfondsen verstandig gebruikt (verstandiger alleszins dan dat andere Zuid-Europese land…). Natuurlijk is niet alles perfect. Vooral de torenhoge werkloosheid speelt het land parten, en de moed ontbreekt om de arbeidsmarkthervormingen door te voeren die op dat vlak een stevig verschil zouden kunnen maken. Bovendien heeft Spanje nog altijd niet het juiste evenwicht gevonden tussen centrale en regionale macht – wellicht zouden Baskenland en Catalonië zelfs gelukkiger zijn buiten het Spaanse staatsverband of in een losser verband met Madrid (laat ik dat op een andere keer maar eens verder uitwerken). Sinds het einde van het Franco-regime heeft het land zich ondanks zijn schiereilandligging wel verplaatst naar waar het thuishoort : in het hart van Europa.

Essen - Europa

28 10 2009 - 20:16


EssenEuropa Ik probeer mijn agenda zo te organiseren dat ik voor de gemeenteraad in Essen kan zijn. Dat lijkt me maar normaal als raadslid. Maar ik heb natuurlijk ook een baan, en die stuurt mij soms naar het buitenland. Ik heb daar wel een zekere invloed op, en dus kan ik het vaak vermijden. Deze keer lukte het niet, en dus miste ik de raad. De agenda stelde gelukkig (andermaal) niet zo veel voor, maar ik zou uiteraard graag de aanstelling van een nieuw raadslid en een nieuwe schepen hebben bijgewoond. En er stonden ook "financiën" op het menu, mijn favoriete politieke gerecht.

Maar ik zat dus in Zweden. Alweer, want dat land heeft de voorzittershamer van de EU in handen. Nu, Stockholm is een heel aantrekkelijke stad. Ik hou van Noord-Europese steden, en de Zweedse hoofdstad heeft een zeer charmant oud stadscentrum. We hadden bovendien wel wat tijd om wat rond te wandelen. Het "Employment Committee" is bovendien een belangrijk deel van mijn werk, en de plenaire vergadering van dat comité is vaak ook erg interessant. Deze keer vooral omwille van een goed merkbaar conflict tussen enkele hoofdrolspelers - of hoe helemaal niets zeggen in een vergadering soms dodelijk efficiënt kan zijn. Gelukkig vaak ook dankzij de inhoud van de discussies, en omwille van de altijd leerzame en veelal ook aangename internationale contacten. Bovendien was er één specifieke reden waarom ik er deze keer best bij was, maar daar kom ik wellicht later nog wel eens op terug.

Eigenlijk zijn Essen en Europa de twee beleidsniveaus die mij het meest boeien, en ik ben blij dat ik in allebei een rol kan spelen (uiteraard op het ene niveau nog wat kleiner dan op het andere). Dat ze soms even in conflict komen, neem ik er dan maar bij. Ik geloof dat het lokale en het Europese niveau nu, maar vooral in de toekomst, een doorslaggevende invloed (zullen) hebben op de manier waarop onze maatschappij werkt, de manier dus waarop wij leven. Ze verdienen allebei sterke bestuurders, met een visie en een democratisch draagvlak. En gedreven ambtenaren. Ik hoop dat ik daar een klein steentje aan mag bijdragen...

Mijnheer de president

16 10 2009 - 18:43


ZwarteZwaan Ik ben in de kleinste EU-Lidstaat beland, het eilandenstaatje Malta. Ik zou liever in Essen zijn geweest de voorbije dagen, voor het afscheid van Gino. Maar een kalender doet niet altijd wat je zou willen. Ik ben hier voor een seminarie georganiseerd door de Raad van Europa (niet te verwarren met de instellingen van de EU : de Raad van Europa verenigt 47 landen uit een erg breed gedefinieerd “Europa”, van IJsland tot Rusland). Het seminarie is er niet in geslaagd om me van de eigen relevantie te overtuigen, en de RvE in het algemeen (ook niet te verwarren met de Ronde van Essen…) is er al evenmin in gelukt om zijn meerwaarde op het domein van werkgelegenheid en sociale zaken aan te tonen, binnen een door de EU, de OESO en de ILO sterk bezet internationaal speelveld. Maar één van de twee basisteksten en enkele elementen uit de discussie erover hebben me toegelaten een aantal verbanden te leggen tussen verschillende recente (en nog in opmaak zijnde) publicaties. Er zou een stevige tekst van moeten komen, al moet ik daarvoor nog heel wat puzzelstukjes in elkaar passen…

Ondertussen heb ik ook een blik kunnen werpen op Malta. De nogal beperkte rechtstreekse vliegverbindingen met Brussel maakten dat ik mij een ochtendje flaneren kon permitteren. Langs de zee, die op dit eiland uiteraard nooit ver weg is. Ik hou van de zee, dus dat is een meevaller. Ideaal om onder een zomers (!) zonnetje even uit te waaien. Aan de andere kant van het water maakt het Britaliaanse Malta een wat bizarre indruk op mij. Er wordt links gereden en de eerste taal (de facto) is het Engels. De opeengepakte huizen geven een indruk van overbevolking, en het geheel doet me denken aan Torremolinos en Beiroet. Wat op zich ook vreemd is, want ik ben in geen van beide plaatsen ooit geweest…

De vervreemding werd wat mij betreft overigens nog in de hand gewerkt door het bezoek, in het kader van het seminarie, aan Zijne Excellentie Dr. George Abela, president van de republiek Malta. Meteen het eerste staatshoofd dat ik de hand heb geschud, ook al regeren pakweg Patrick Janssens en a fortiori Cathy Berx over een groter gebied met meer mensen. Maar “president” klinkt uiteraard net iets indrukwekkender dan hun titel. De man slaagde er wonderwel in om zijn attractiegehalte achter enige oprechte belangstelling en een vleugje zelfrelativerende harmonie te verbergen. Al had het geheel voor hem ongetwijfeld een zeer hoog “bloempotgehalte”, om het met Dehaene te zeggen. Groot pluspunt was dat we een bezoekje aan het presidentieel paleis konden brengen buiten de normale openingsuren, met ondermeer een prachtige zaal met (Franse, geen Vlaamse) wandtapijten.

Op het terras van mijn hotelkamer -zeg maar suite-, met zicht op de Middellandse Zee (en op kosten van de RvE, overigens) heb ik ook de laatste hoofdstukken gelezen van “The Black Swan - The Impact of the Highly Improbable”, een boek van de Libanees Nassim Nicholas Taleb. Het laatste van een reeksje Engelstalige boeken die ik onlangs kocht bij Waterstone’s in Brussel – zowat een dag nadat ik het bestaan van die winkel vernam; ik kende wel die in Amsterdam, maar daar kom ik natuurlijk niet elke dag. Het (in essentie filosofische) boek is een bijzonder goed geschreven maar keiharde aanval op de economische wetenschap (vooral op de modelbouw en de econometrie) en op (het gebruik van) de statistiek. Ook de historici worden niet gespaard. De kernthese is dat die beroepsgroepen –en overigens mensen in het algemeen- onvoldoende (d.i. omzeggens geen) rekening houden met de mogelijkheid van onverwachte maar zeer ingrijpende gebeurtenissen, de “zwarte zwanen” (vooraleer Australië werd ontdekt hield niemand er rekening mee dat er zwarte zwanen zouden kunnen bestaan, en iets dat niet bestond werd spreekwoordelijk een zwarte zwaan genoemd). Het boek is geschreven vóór de economische crisis, en toch wordt die er min of meer in aangekondigd. Een “must-read” voor een economist/statisticus, vooral om al wat enigszins naar een (middel)lange termijnvoorspelling neigt zeer sterk te leren relativeren. Al haalt het niet alles onderuit dat het pretendeert onderuit te halen : het blijft zinvol om verklaringen en correlaties in het heden en verleden te zoeken. Als je ze maar weet te interpreteren.

Blikveld

23 08 2009 - 21:11


MeccaCola Terwijl ik dit schrijf is het 26 °C in Kuala Lumpur, Maleisië, en plaatselijk bewolkt. Hoofdpunt in het nieuws aldaar is dat twee politieke rivalen toevallig in dezelfde moskee waren voor een gebedsdienst. In het sportnieuws staan badminton en snooker voorop. Verder baart de Mexicaanse griep zorgen : kleine kinderen mogen niet meer in hospitalen op bezoek komen.

Voortouw en de Heemkundige Kring organiseerden vorige donderdag in het kader van 850 jaar Essen een lezing met als titel "Essen, een grensgeval in de wereld" over de internationale omgeving waarin onze gemeente zich van 1950 tot nu heeft bewogen. De lezing was de derde in een reeks van drie, de beide vorige heb ik gemist. Eerlijk gezegd was ik ook niet met heel veel verwachtingen naar de Oude Pastorij getrokken. Wel met een fototoestel, zodat ik me alleszins in functie van "Essen in Beeld" nuttig zou voelen.

Dat de avond me wel geboeid heeft, en niet alleen vanuit fotografisch oogpunt, is dus een meevaller. De film vooraf, "De Beemden van het Beekdal", had ik tot mijn schaamte nog nooit gezien. Het bezoek aan de boerderijen langs de Steenbergse Vliet / Molenbeek / Kleine Aa vond plaats op een kruispuntmoment tussen de moderne tijden en de periode daarvoor. De tractor en de bedrijvigheid in de Roosendaalse haven, maar ook de melkmachine, stonden in contrast met de andere aspecten van het landbouwleven, die eruit zagen alsof ze recht uit de Middeleeuwen kwamen. Overigens heb ik in de film bijzonder weinig vrouwen zonder hoofddoek gezien !

Met als sprekers Ingrid Loos, Marcel Mous, Rudi Smout, Robert Tas en Pierre Verpalen onder leiding van Guy Van den Broek werd de rest van de avond vooral gevuld met verhalen over de Belgisch-Nederlandse grens die Essen van Nispen scheidde en nog steeds scheidt, en hoe die aan beide kanten werk en welvaart opleverde. En voor een boeiend spanningsveld zorgde tussen "eigen" en "anders", wat maakte dat veel jonge en dynamische mensen allerlei grensoverschreidende contacten uitbouwden. De Essenaar van de twintigste eeuw beschikte over een "venster op de wereld", lang voor die term gemeengoed was. Dat venster op de mede-Brabanders, zo dichtbij en zo gelijkend, maar toch net verschillend genoeg om te boeien, leidde er wellicht ook toe dat Essen gemakkelijk de blik wat verder verruimde.

De band met Essen-Oldenburg (met tussen haakjes een boeiend "dorpslied", stelde ik gisteren vast) is in die zin bijna een verlengstuk van die contacten net over de grens : zoals de Nispenaren mede-Brabanders zijn, zijn de Oldenburgers mede-Nederduitsers. Het is vanzelfsprekend de historische verdienste van Herman Suykerbuyk om relatief kort na de Tweede Wereldoorlog daarin vooral "Neder" en minder "Duitser" te lezen en zo de band tot stand te brengen. Dat Essenaren al vóór 1989 (en zeker kort daarna) ook de mede-Europeanen achter het IJzeren Gordijn ontdekten, is al evenmin toeval.

Uit de avond sprak een beetje weemoed naar de tijd van toen. Dat hoort natuurlijk zo. En de contacten van Essen, van ons verenigingsleven, met Nederland maar ook met al wat verder ligt lijken wel minder intensief te zijn geworden dan vroeger. Wellicht omdat het verenigingsleven zelf, hoewel behoorlijk sterk, niet meer het draagvlak van gewapend beton heeft waar het in de jaren '50 tot '70 onbetwistbaar op kon rekenen. Maar vooral omdat we tegenwoordig andere vensters op de wereld hebben, die veel en veel verder kijken dan Nispen of Essen-Oldenburg.

Eerst de televisie, en vandaag het internet, zijn ongelooflijk krachtige instrumenten. Natuurlijk bieden ze ook veel pulp aan, maar laat ons eerlijk zijn : niet élk bezoek aan Nispen of Essen-Oldenburg was alleen op cultuur met grote K gericht (ondanks de waarschuwende woorden over alcohol in het "Essener Nationallied) ! Toch slokten velen een open en genuanceerd wereldbeeld mee binnen, en dat is vandaag gelukkig niet anders.

Essen had een venster(tje), nu heeft iedereen een raam waaruit de hele dag ver weg kan worden getuurd. Wij zijn niets verloren, maar we hebben samen zoveel anderen veel gewonnen. Dat we in die grote wereld van vandaag -ook als gemeentebestuur- bewust blijven ver-kijken is het mooiste eerbetoon dat we aan de pioniers van de voorbije decennia kunnen geven. Ook al dwaalt onze blik ver voorbij het Volkerak of de Große Hase. Al mogen we naast de spreekwoordelijke verre vriend natuurlijk ook de goede buur niet veronachtzamen !

Id est

16 06 2009 - 12:25


Tallinn Het is een wat vreemde traditie geworden, geholpen door het toeval : als ik kandidaat ben bij de verkiezingen, dan trek ik dezelfde week nog naar het noorden. Met name om een bezoekje te brengen aan Helsinki. Kwestie van wat afstand te kunnen nemen, wellicht.

Al moest ik daar deze keer wel een kort zeereisje voor maken. Mijn werkgever had me namelijk niet naar Finland, maar naar Estland gestuurd. Naar Tallinn. Maar ik heb aan het werkbezoek enkele dagen als toerist gekoppeld (uiteraard op eigen kosten, voor wie daaraan zou twijfelen) en zaterdag heb ik dan even de overstap gemaakt naar Helsinki. Met een snelle boot is dat anderhalf uur varen. En ik hou nogal van de Finse hoofdstad, met zijn moderne en gezellige uitstraling en zijn prachtige ligging aan de Baltische zee.

Maar ook Tallinn was zeker de moeite. De stad heeft heel veel van zijn Middeleeuwse gebouwen bewaard en ziet er eigenlijk zowat uit als de kastelen uit de boekjes. Het ziet er op dat vlak (Noord-)Duitser uit dan de Duitse steden. Het hele centrum is zo goed als autovrij (daar zorgen de kasseien wel voor), staat vol gezellige terrassen zonder overdreven "commercieel" aan te doen en doet ook 's avonds erg "veilig" aan, wellicht ook omdat het er in deze tijd van het jaar erg lang licht blijft. De Esten zijn bovendien nuchter maar gastvrij.

En het Ests heeft iets heel bijzonders : het lijkt erg op het Fins, zeker grammaticaal, en het is daardoor op zich dus onbegrijpelijk. Het Fins is namelijk geen Indo-Europese taal, en staat dus verder van ons af dan pakweg het Russisch, het Farsi of het Sanskriet. Maar de Esten bijzonder veel woorden overgenomen van de verschillende bevolkingsgroepen die er in de loop der eeuwen woonden. Vooral van de taal die al die groepen onderling gebruikten : het Nedersaksisch of Nederduits, de variant van het Duits die in de Duitse gebieden in het Noorden werd (en soms nog wordt) gebruikt. En die taal is veel minder verwant met het "officiële" Duits (het Hoogduits) dan met... het Nederlands. Zodat heel veel Estse woorden dus zeer herkenbaar zijn voor Nederlandstaligen. Al ging er soms wel wat aanpassing overheen : school werd "kool", maar wel degelijk uitgesproken met een o-klank en niet met de oe die in het Hoogduits of het Engels wordt gebruikt. Eén van de bekendste torens in Tallinn heet "Kiek in de Kök" (waarbij de ö op zijn Duits wordt uitgesproken). Die toren heet zo omdat je van daaruit recht in de keukens van de omwonenden kon binnenkijken. Dat spreekt vanzelf. Voor de Esten. En voor ons...

Tallinn doet erg Scandinavisch aan, en de Esten voelen zich ook het best thuis in de groep van de Noord-Europese landen. Het is dan ook vanzelfsprekend dat hun land bij de EU aansloot. Tegelijk is Rusland heel dichtbij : als je in Tallinn van de luchthaven komt, kom je een richtingaanwijzer naar Sint-Petersburg tegen. Ongeveer een derde van de bevoling van Tallinn is van Russische afkomst, maar voor de Esten zijn de Russen de "ex-bezetter".

Ik heb ondermeer de grasvlakte bezocht waar de Esten zich in 1991 naar de vrijheid hebben gezongen (!), en ook het nationaal museum aangedaan. Ik begrijp heel goed dat de Esten niet zo tuk zijn op hun oosterburen. Russen worden min of meer als tweederangsburgers behandeld, en wie de Estse nationaliteit wil moet een taalexamen afleggen. Erg begrijpelijk, en voor een deel ook verantwoord. Maar Estland (samen met de andere Baltische staten Letland en Litouwen) zou er volgens mij veel baat kunnen hebben om zich te positioneren als een brug tussen het Westen en Rusland, en hun medeburgers niet in de eerste plaats te zien als "agenten van Moskou". De scheepswerf die we bezochten tijdens het werkdeel van de reis gebruikt het Russisch als omgangstaal, omdat op die manier ook de Oekraïense gastarbeiders kunnen meepraten. En ook om de enorme markt in het Oosten te kunnen blijven bespelen.

Ik heb alleszins genoten van Estland (dat bovendien relatief goedkoop is) en zou zeker nog eens terug willen gaan. Niet alleen naar Tallinn, want wat ik van het platteland gezien heb sprak me ook wel aan. Plaats voor de natuur is er in elk geval maar dan hier : op dezelfde oppervlakte als Nederland wonen er iets meer dan één miljoen mensen. En de afstand bleek effectief voldoende om inderdaad even enkele zaken op een rijtje te zetten. Ook meegenomen, natuurlijk.

20°C

15 02 2009 - 19:35


Lissabon Ik heb een weekje in Lissabon gezeten, voor een ILO-converentie. Eerlijk gezegd een beetje tegen mijn zin : ik hou meer van vergaderingen waarvan ik het verloop ook enigszins kan beïnvloeden. Al maakte het weer vanaf het midden van de week wel één en ander goed : in februari op een terrasje iets gaan eten geeft toch wel een goed gevoel. Ik heb in datzelfde Lissabon ook al eens in oktober 's avonds laat op een terras gezeten. Het weer in deze wereld is niet eerlijk verdeeld, maar dat is wellicht geen nieuws.

De vergadering stond vooral in het teken van de economische crisis, ook al weinig verrassend. Op mij maakten daarbij degenen die al voorbij de crisis durven kijken de beste indruk. Niet dat ze de problemen ontkennen - en velen vermoeden dat we nog maar aan het begin staan - maar het komt er volgens hen wel op aan om te zorgen dat de oplossingen die we nu kiezen ons ook op langere termijn sterker maken. Zodat de volgende economische recessie minder onverwacht en ook vooral minder diepgaand zal zijn. Ik denk niet dat we op dat vlak bij ons nu "goed bezig" zijn. Ik vrees vooral voor een ontsporing van de begroting die de werkende generatie opnieuw een hoge factuur zal presenteren.

Wie durft voldoende vooruitziend zijn om nu de hervormingen door te voeren (op de arbeidsmarkt, in de energiesector, in de sociale zekerheid, bij de overheid...) die zullen maken dat Vlaanderen optimaal zal profiteren van de economische heropleving die er vroeg of laat toch komt ? Eigenlijk ben ik er niet optimistisch over, maar wartkijken zal ook niet helpen, want zoals de Portugese premier het uitdrukte heeft "pessimisme nog nooit één baan gecreëerd". Dus probeer ik erin te geloven dat het wel kan. Of is dat het gevolg van een Portugese zonneslag ?

Totdat de bom valt

14 11 2008 - 20:01


Ue2008fr Dat Frankrijk dit halfjaar de Europese Unie voorzit, zal wel niemand zijn ontgaan die de actualiteit een beetje volgt : president Sarkozy is hyperactief en “dankt” aan de economische crisis een ideaal forum daarvoor. Maar het Franse voorzitterschap werkte op alle niveaus een druk programma uit, en ondermeer daardoor zat ik de voorbije anderhalve maand drie keer in Parijs. De Thalys maakt de Franse hoofdstad vrij eenvoudig bereikbaar, al kruipt een tripje Châtelet-Essen (met tussenstop in het hotel waar mijn bagage achterbleef) via Metro 14 + RER D + Thalys + IR N nu ook niet meteen in de kleren. Maar een mens moet er iets voor over hebben. De drie trips hebben me overigens enkele stukjes Parijs leren kennen waar ik nog geen weet van had, waarbij het Musée du Quay Branly op het lijstje van “nog eens rustig terug te bezoeken” is geplaatst. Maar ik was er natuurlijk in de eerste plaats om te werken. Vrij intensief trouwens, al was het vandaag wat minder.

Dat lag niet aan mij, en zelfs niet aan de Franse organisatoren. Aan wie dan wel ? Aan een anoniemeling, wellicht. Die deze voormiddag naar het gebouw belde waar de Franse ministeries van begroting, openbaar ambt, werkgelegenheid, industrie en economische zaken zijn gehuisvest. Om te melden dat er een bom lag. Zodat ik de eer heb gehad deel te nemen aan de evacuatie van dat megagebouw. De Franse ambtenaar waarmee mijn collega en ik aan de praat raakten bij het buitengaan vond het niet eens slecht nieuws : bij bomalarm mag iedereen blijkbaar naar huis… Maar voor buitenlandse conferentiebezoekers was dat natuurlijk niet meteen een optie. Zodat we met twee Poolse en twee Nederlandse collega’s een Parijse koffie zijn gaan drinken, nadat we begrepen hadden dat de pauze wel een tijdje kon duren. Eén van de Poolsen vertelde dat er bij hen ooit instructies waren gegeven omtrent “wat te doen bij bommelding”. De naam vragen van de would-be terrorist bleek er één van, en bovendien bleek ook het type bom van belang. Doorverbinden en vragen om “even aan het toestel te blijven” hoefde dan weer niet… De Nederlanders veronderstelden dat ze bij hen wellicht naar het sociale zekerheidsnummer zouden moeten informeren. Bij ons zou de eerste vraag wellicht zijn volgens welke taalrol men het gebouw wenste op te blazen (en of men daarvoor een sloopvergunning had aangevraagd).

Na meer dan een uur werd het alarm opgeheven, en een minuutje of tien later hadden wij dat ook door. Waarna de conferentie de zes nog voorziene sprekers alsnog aan het woord liet én bijna op tijd eindigde. Zodat ons waarschijnlijk een hele hoop overbodige uitweidingen zijn bespaard. Toch heeft het iets surreëels om een gebouw terug binnen te wandelen dat na een uurtje zoeken “bomvrij” is verklaard. Stel dat… Maar dan had u het wellicht wél in het nieuws vernomen. Dat u het ook hier had kunnen lezen, is dan weer heel wat minder zeker !

Lente

17 06 2008 - 19:38


Praag Mijn werkgever stuurde me naar Praag. Nu, dat klinkt wat onvrijwillig : laten we zeggen dat mijn werkgever en ik het erover eens waren dat ik dezer dagen in Praag moet zijn. Om alhier het aangename aan het nuttige te paren.

Ik was er nog nooit geweest en dus heeft de stad het effect dat ze op elke nieuwe bezoeker heeft : ik ben onder de indruk. Praag is een zeer Middeneuropese stad, die me aan Boedapest doet denken. Een ook aan Dresden, want de Moldau en haar oevers hebben meer het gezellige van de Elbe dan het majestatische van de Donau. Ik herken er ook iets van Wenen en van Krakau in : de Habsburgers zijn daar uiteraard niet vreemd aan. Zoals telkens in het voormalige Oostblok ben ik er trots op dat hier onze blauwe vlag met gele sterren wappert. Met de uitbreiding van de EU is een historische vergissing rechtgezet. Iemand zou het de Ieren moeten vertellen.

Alleen in een stad rondwandelen heeft natuurlijk nadelen : je kan je ervaringen niet echt delen, en een terrasje is om snel iets te drinken. Maar het heeft ook voordelen : je kan heel veel doen. Een museum/tentoonstelling of zes haal je wel op een dag. Waarbij zowel "must see" als het toeval een leidraad kan zijn. Dat laatste trok me naar een brochure met als titel "Bruselský sen", waarbij het eerste woord inderdaad naar onze hoofdstad bleek te verwijzen. Een tentoonstelling in Praag over de Tsjechoslovaakse inbreng op Expo '58. Terwijl dat hele Expogedoe me op zich niet zoveel zegt (eigenlijk moet ik nu schrijven : "niet zoveel zei"). Ik ken er de politieke betekenis voor België van, en dat leek me voldoende. Maar dat net die Expo blijkbaar ook elders niet zomaar onopgemerkt was voorbijgegaan, drong pas hier tot me door. Het maakte me nét nieuwsgierig genoeg om de bovenverdieping van de bibliotheek te gaan zoeken. Maar ik wist bijvoorbeeld niet dat de wereldtentoonstelling van 1958 de eerste na die van 1939 was - en vind het nu gek om dat niet weten toe te moeten geven.

In 1958 blaakten zowel de Belgische als de Tsjechoslowaakse eenheidsstaten (zaliger gedachtenis, beide) van zelfvertrouwen, dat een decennium later in de lente zou uiteenspatten in de straten van Praag en Leuven. Toch hielden de twee op de Expo ook al een stuk façade op. De ene voor mij zeer herkenbaar, met opschriften in een soort plechtstatig gekunsteld Nederlands, keurig na het Frans. Met een grondplan met alle Paviljoenen dat ik nog nooit voor me had gezien, maar dat een Belgique à papa opriep dat ook ik in de lagere school nog in de late jaren 1970 nog kreeg gepresenteerd - en dat ik niet verwachtte aan de Moldau te herontdekken.

Het andere, Tsjechoslovaakse, beeld dat ik uit de geschiedenisboeken van het communisme ken. En dat ondanks alles net iets meer op mensenmaat bleek dan het Sovjetpaviljoen. Met een jaren '50-design dat Europa toen veel meer verenigde dan het wilde weten, overigens : de kopjes en de stoelen die in onze huizen (die van onze ouders) stonden, hadden soortgenoten achter het IJzeren Gordijn. De kunstwerken die in het Westen werden gemaakt, bleken perfect aan te sluiten bij de tijdelijke relatieve openheid van het Oost-Europese communisme. In die mate dat er sprake was van een "Brusselse stijl" in Tsjechoslovakije, compleet met ná de Expo gemaakte schilderijen van het Atomium.

Omwille van enkele technische hoogstandjes (en wat voor de Belgen wellicht ook sterk meetelde : het gewaardeerde restaurant) was het paviljoen van de Tsjechoslovaakse Socialistische Republiek een topper waar de Expobezoekers voor in de rij stonden. Gek genoeg blijkt na 50 jaar een stuk van die aantrekkingskracht te zijn behouden, zo heb ik ondervonden. Bevreemdend.

L’orange beu – Buigen of Basten

15 06 2008 - 19:30


Oranjegekte Ik heb er ongeveer 10 minuten van gezien, tot nu toe. Toch kan ik er moeilijk onderuit : het EK voetbal is volop aan de gang. Hoe komt het dat dat nu in Essen tot me doordringt, en nauwelijks enkele weken geleden in gastland Zwitserland veel minder sterk ? Al wie onze gemeente kent, zal het antwoord wel weten… De oranjegekte heeft ook onze grensgemeente een beetje mee in de ban. Waar de nummerplaat het verschil tussen een Essense Nederlander of een volbloed autochtoon al lang niet meer verraadt, doen allerlei attributen in de meest schreeuwerige aller kleuren dat nu wel. Neen, ik heb niets tegen de Essenaar wiens accent enige noordelijkheid verraadt, of dat nu een bekende Nispense of een exotisch Randstedelijke tongval is. De regelmatige lezer van dit stukje elektronische snelweg weet bovendien dat ik de Nederlandse politieke zeden over het algemeen wel kan waarderen, en dat enkele politici zoals Femke Halsema (GroenLinks), Alexander Pechtold (D66) maar ook wel een type als Frits Bolkestein (VVD) mijn favorietenlijstjes moeiteloos zouden halen. Maar ik geef het eerlijk toe : ik hou niet zo van oranje, zijn daden en zijn doen. Ik lijd aan plaatsvervangende schaamte wanneer ik volwassen mensen een trommel op hun eigen hoofd zie bespelen, wanneer overigens volstrekt normale burgers levensgrote wuppies in hun auto plaatsen of wanneer lieden die verbaal nochtans behoorlijk ad rem uit de hoek kunnen komen een ganse conversatie herleiden tot “hup, Holland, hup”. Ik kan de perscommentatoren die elke frons van de bondscoach of de topspits te pletter analyseren, aangevoerd door het onbegrijpelijke orakel dat ooit behoorlijk tegen een bal kon trappen, niet hóren. Ik hoop dat ze er snel uitliggen. Punt. Maar laat ik grootmoedig zijn… als ze toch zouden winnen (horresco referens), dan hebben ze wel recht om het te vieren. Ná de westrijd, en laat ons zeggen 24 uur lang. En daar weer netjes de oogjes dicht en de snaveltjes toe…

En toch kan ik het niet ontkennen. Ik heb maar twee samenvattingen van wedstrijden bewust gezocht, en zelfs als niet-kenner kan ik maar moeilijk ontkennen dat dit Nederlands elftal bijzonder mooie dingen laat zien. Stiekem ben ik bovendien ook wel jaloers op het oranjegevoel : ongecompliceerd en vooral onvoorwaardelijk hun ploeg steunen… ik zie ons Vlamingen er nooit echt toe in staat. Ja, in een WK-finale zouden we voor Rode of desgewenst Vlaamse Duivels wel 90 min. willen supporteren, zoals we in een grand slamfinale achter Kim gingen staan of zodra de spurt op gang trekt Tom Boonen wel over de lijn willen schreeuwen. Maar ze moeten al héél veel bewijzen vooraleer ze een beetje vertrouwen krijgen. Soms zou ik willen dat ik wel het noorderbuurse talent had voor irrationele gekte. Ergens diep in mij zit ondanks alles dus misschien toch een fanatiek orangist verscholen, die de klaarblijkelijk daartoe vereiste aanslag op de goede smaak er zelfs bij zou kunnen nemen. Zouden er pillen tegen bestaan ?

Laat ik uit zoveel inconsequentie alsnog een besluit trekken : ik wens de Essense oranjesupporters veel vreugde bij de overwinningen van Robben en C°, en de oranje-afkeerlingen veel leedvermaak als de nederlaag volgt. Elk nadeel heb zijn voordeel, inderdaad. Al hoef je volgens mij geen doctor in de hogere voetbalkunde te zijn om te vermoeden dat het wel eens de minderheid van onze gemeenteburgers zou kunnen zijn die aan het langste eind gaat trekken. Ik hoor in de verte al een welgemeend “Hein heeft gewonnen, de Zilvervloot…” weerklinken. Gruwelijk. Maar wel mooi.


Bladen : << Vorige 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 Volgende >>
 
t Webwoning
Ingang
Waarom deze site ?
Facebook
Professioneel : LinkedIn
Professioneel : Twitter (EN)
 
Eerder gepost
Essen (algemeen)
Politiek (Essen)
Politiek (algemeen)
Politiek (buitenland)
Buitenland (algemeen)
Sport
Religie
Televisie
Treinergernissen
 
Politieke activiteiten
Mijn politiek CV
Mijn politiek verhaal
Mijn voorstellen
N-VA/PLE Nieuwsflits